Metaalbewerking: autogeen snijden

Autogeen snijden

Het meest toegepaste snijproces in de metaalnijverheid is het autogeen snijden. Dit thermische snijproces heeft zijn populariteit te danken aan het feit dat de aankoop van de benodigde apparatuur niet zo duur is, de diktes van de te snijden materialen kan variëren van 0,5 tot 1000 mm en het snijproces zowel manueel als mechanisch kan uitgevoerd worden.  


Principe van het autogeen snijden

De snijkwaliteit hangt af van verschillende factoren. Zo hebben het soort verhittingsgassen en het type snijmondstukken een grote invloed op de snelheid en de snijkwaliteit. Om bijvoorbeeld staal te kunnen snijden moet het metaal opgewarmd worden tot de ontstekingstemperatuur. Staal heeft een ontstekingstemperatuur, onder tussen 700 en 900 °C, een temperatuur die ver onder de smelttemperatuur ligt. Eenmaal deze temperatuur bereikt wordt er een zuurstofstraal gericht op de verhitte plaats. Daardoor ontstaat een reactie waarbij oxiden ontstaan. Deze oxiden worden door de sterke straal weggeblazen zo dat de straal door het metaal snijdt.  


Voorwaarden om succesvol te werken. 

U moet ervoor zorgen dat de temperatuur niet oploopt tot de smelttemperatuur. Anders zal het materiaal smelten en kan het niet meer gesneden worden.

- Tijdens het snijden moet de ontstekingstemperatuur constant blijven zo dat het snijproces niet onderbroken wordt.

- De zuurstofstraal moet zo zuiver mogelijk zijn tijdens het snijden. De zuiverheid van de zuurstof bepaalt grotendeels de snelheid en de kwaliteit van het snijden. U moet streven naar een zuiverheid van 99,5%. Wanneer de zuiverheid met 1% verminderd zal de snijsnelheid al direct met 25% verminderen.

- Enkele metalen zoals: roestvrij straal, non-ferro metalen en gietijzer zijn niet geschikt om met deze techniek te snijden. Voor dit soort metalen wordt de techniek van het plasmasnijden toegepast.

- Om de juiste temperatuur te bereiken moet het juiste gas gebruikt worden. De meest gebruikte gassen zijn propaan, acetyleen, propyleen en soms aardgas. - Voor het autogeen snijden is acetyleen het beste verhittingsgas omdat het de hoogste temperatuur kan bereiken. De temperatuur kan oplopen tot boven de 3000 °C waardoor de voorverwarming aanzienlijk verkort wordt. Het zorgt ook voor een heel intense vlam op het snijoppervlak. De korte verhittingstijd zorgt voor minder verbruik en sneller en efficiënter werken. Als we even vergelijken met propaan dan stellen we vast dat de voorverwarmtijd driemaal lager is met acetyleen. Aardgas is de minst efficiënte van alle genoemde gassen.


Besluit

De keuze van het gas is eigenlijk het belangrijkste aspect bij het autogeen snijden. De prijs van het gebruikte gas en de snelheid waarmee gewerkt kan worden, bepalen voor een deel de kostprijs voor de klant.

Snijbedrijf Koetsier, de specialist in autogeen snijden.


Delen